
Implementatie nieuwe wetgeving: verlies het doel niet uit het oog!
Het wantrouwen tegenover de overheid groeit, zo laat het Verweij-Jonker Instituut zien. Inwoners voelen zich minder gezien, vrezen ongelijke behandeling en ervaren incompetentie van bestuurders en ambtenaren. Het kabinet probeert met wetgeving, uitvoeringsorganisaties en beleid deze maatschappelijke ontwikkeling te keren. Toch hebben deze maatregelen nog weinig impact gehad op het vertrouwen. Hoe zet je als gemeente stappen richting een meer betrouwbare overheid?

Publieke organisaties staan voor grote uitdagingen in hun informatiehuishouding. Voor I&A-teams betekent dit dat nieuwe kennis snel moet worden opgepakt. Tijdens de 9 Kennisateliers leer je de essentie van procesgericht werken, informatiemanagement, digitale samenwerking en AI, praktisch, actueel en direct toepasbaar.
Paradox: hoe meer wetten, hoe minder vertrouwen
De rijksoverheid implementeert beleid dat lokale overheden steeds meer verplichtingen oplegt. De lijst wetgevingen blijft groeien. Recente voorbeelden zijn de Wet Open Overheid (Woo), de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) en de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), met als doel veiligheid te vergroten en het vertrouwen van de burger te herstellen. Maar tegelijkertijd veranderen gemeenten, door alle extra werkzaamheden die hierbij komen kijken, in steeds complexere en trager reagerende bureaucratische instituties. Door de veelheid aan wetgevingen, monitoring door de VNG en een vaak reactieve aanpak, ontstaat de neiging om een checklist af te werken en de inwoner uit het oog te verliezen. Kortom: wetten die het vertrouwen in de overheid moeten herstellen, leiden paradoxaal genoeg tot een overheid die verder van de inwoner af komt te staan.
Prioriteer met dienstverlening in het achterhoofd
De vraag is daarom: hoe kun je als gemeente tijdens de implementatie van deze wetten tóch bijdragen aan het versterken van vertrouwen? De kracht zit in een verschuiving van de focus: van compliance naar een betere dienstverlening, het overkoepelende doel van de wet. Dit realiseer je door taken steeds te prioriteren met het belang van de burger in het achterhoofd. En maak hierbij onderscheid tussen het doel (wat willen we met deze wet bereiken?) en de middelen om dit te voor elkaar te krijgen.
Bijvoorbeeld de Woo en Wet open overheid
Dit verduidelijken we graag met onderstaand voorbeeld rondom de Woo, de Wet open overheid in de organisatie. Als steeds meer infrastructuurcomponenten en applicaties naar de cloud verdwijnen, betekent dat voor de A-mensen minder operationeel systeembeheer. Daar komen architectuur-, regie- en security-werkzaamheden voor in de plaats.
De Woo: transparantie als middel, niet als doel
De Wet Open Overheid (Woo) wil transparantie vergroten en daarmee het vertrouwen in de overheid te herstellen. Maar als de implementatie puur focust op het tijdig publiceren van documenten, wordt de Woo al snel een administratieve verplichting zonder positieve impact op de dienstverlening. En het vertrouwen neemt eerder af dan toe.
Maak dus liever strategische keuzes waarbij je de Woo inzet als instrument voor betere dienstverlening en responsieve communicatie:
1. Prioriteer openbaarmaking op basis van veelgestelde vragen van inwoners
In plaats van te wachten op de gefaseerde verplichtwording van de 11 Woo-informatiecategorieën, kun je ook proactief prioriteiten stellen. Een effectieve aanpak is om niet te denken vanuit de wet, maar vanuit de vragen die inwoners het meest stellen. Dit voorkomt dat transparantie verzandt in een onoverzichtelijke hoeveelheid documenten waar niemand iets aan heeft. Concreet kun je als gemeente:
- Analyseren welke informatie het meest wordt opgevraagd via Woo-verzoeken, klantcontactsystemen en webstatistieken. Zorg ervoor dat die informatie als eerste actief openbaar wordt gemaakt.
- Informatie niet alleen juridisch correct, maar ook toegankelijk maken. Bijvoorbeeld via een gestructureerd Woo-dashboard met samenvattingen in begrijpelijke taal, veelgestelde vragen en de mogelijkheid om direct contact op te nemen bij onduidelijkheden.
- Transparantie koppelen aan dienstverlening. Bijvoorbeeld door bij vergunningen en subsidies niet alleen documenten openbaar te maken, maar ook uitleg te bieden over het proces, veelvoorkomende knelpunten en verbeteringen die zijn doorgevoerd op basis van feedback.
2. Directe dialoog met inwoners vóór publicatie
De Woo verplicht gemeenten om documenten openbaar te maken. Hierbij kan het slim zijn om vóór die publicatie contact te zoeken met de aanvrager. Hiermee voorkom je dat dat inwoners gefrustreerd raken doordat ze een document ontvangen zonder context of toelichting. Concreet kun je als gemeente:
- Een contactmoment inbouwen bij complexe verzoeken. Hierin leg je uit welke informatie beschikbaar is, wat niet openbaar gemaakt kan worden en hoe de inwoner zijn vraag het beste beantwoord krijgt.
- Rekening houden met inwoners met lage digitale vaardigheden, door Woo-informatie ook fysiek beschikbaar te stellen. Bijvoorbeeld via het gemeentehuis of bibliotheken, waar ambtenaren toelichting kunnen geven.
- Woo-verzoeken gebruiken als signaal voor verbeteringen, door Woo-publicaties niet alleen als verplichting te zien, maar ook als kans om de dienstverlening te verbeteren en inwoners actief te betrekken bij het toegankelijker maken van informatie.
Digitaal leiderschap: stoppen met ‘afvinken’ en focus op impact
Kortom, probeer wetgeving niet als een administratieve last te zien, als een ‘to do-lijst’ die je af moet vinden, maar als een kans om inwoners en de samenleving centraal te stellen. De uitdaging is om bij elke implementatiebeslissing terug te redeneren naar de kernvraag: hoe draagt deze voor inwoners bij aan dienstverlening en vertrouwen? Door deze focus te behouden en bewust te kiezen voor een mensgerichte uitvoering, leef je wetgeving niet alleen na, maar draag je ook direct bij aan het overkoepelende doel: het beter helpen van inwoners en meer vertrouwen in de overheid.
Meer informatie?
Anouk denkt graag met je mee!
